Uitruilmogelijkheden pensioen

De (gewezen) deelnemer heeft in de artikelen 60 t/m 63 Pensioenwet een aantal keuzemogelijkheden:

  • uitruil van partner- in ouderdomspensioen (artikel 60 Pensioenwet);
  • uitruil van ouderdoms- in partnerpensioen (artikel 61 Pensioenwet);
  • andere vormen van uitruil (artikel 62 Pensioenwet);
  • variatie hoogte pensioenuitkering (artikel 63 Pensioenwet).

Voorwaarde voor uitruil van partner- in ouderdomspensioen is dat voor het partnerpensioen kapitaal wordt opgebouwd en dat het partnerpensioen dus niet louter verzekerd is op basis van risicodekking (artikel 60 Pensioenwet). In plaats van partnerpensioen kan gekozen worden voor een hoger en/of eerder ingaand ouderdomspensioen. Hiervoor is instemming van de partner vereist. Uitruil dient plaats te vinden op basis van een sekseneutrale ruilvoet.

Voorwaarde voor uitruil van ouderdoms- in partnerpensioen is dat het partnerpensioen maximaal 70% van het ouderdomspensioen mag bedragen dat na de uitruil resteert (artikel 61 Pensioenwet). Deze uitruilmogelijkheid is vooral van belang voor deelnemers in pensioenregelingen (i) zonder partnerpensioen, (ii) met een klein partnerpensioen of (iii) pensioenregelingen met een partnerpensioen op risicobasis dat geen dekking biedt indien de (gewezen) deelnemer overlijdt na de datum uitdiensttreding. Deze uitruilmogelijkheid komt een deelnemer toe bij beëindiging van het deelnemerschap (bijvoorbeeld door een baanwisseling) en met ingang van de datum van het ouderdomspensioen. Als de pensioenovereenkomst niet voorziet in partnerpensioen na pensionering (bijvoorbeeld bij een partnerpensioen op risicobasis) is de pensioenuitvoerder verplicht tot uitruil over te gaan, wanneer de (gewezen) deelnemer niet of niet tijdig reageert op het keuzeaanbod in het laatste jaar voor pensionering. Deze verplichte uitruil (bij een niet-tijdige afwijzing van de uitruil) geldt nu nog enkel in de situatie waarin een uitruilaanbod wordt gedaan in het laatste jaar vóór ingang van het ouderdomspensioen en dus (veelal) níet in de situatie van een baanwisseling. Het wetsvoorstel Verzamelwet Pensioenen 2012 brengt hierin een uitbreiding aan. Voortaan kan in het pensioenreglement opgenomen worden dat de verplichte uitruil tevens geldt bij het uitblijven van een afwijzing op het uitruilaanbod in het kader van een beëindiging van het deelnemerschap, dus (bijvoorbeeld) bij een baanwisseling.

Naast de hierboven besproken mogelijkheid van uitruil tussen ouderdoms- en partnerpensioen kan in de pensioenovereenkomst gekozen worden voor vervroeging of uitstel van de ingangsdatum van het ouderdomspensioen en het laten variëren van de hoogte van het ouderdomspensioen. In artikel 63 Pensioenwet is de mogelijkheid gecreëerd de hoogte van een pensioen na ingang te variëren. Voorwaarde is dat de laagste uitkering niet minder bedraagt dan 75% van de hoogste uitkering en de mate van variatie uiterlijk op de ingangsdatum van het pensioen wordt vastgesteld.

Artikelen met het onderwerp Uitruilmogelijkheden:

  • Geen artikelen.

Naar boven scrollen